Mijn sportweekend in Engeland
Mijn avontuur begon in de nacht, met de flixbus, om een overnachting uit te sparen reisde ik in de nacht. Na de paspoortcontrole stopte de bus ineens op een boot. Dat had ik totaal niet verwacht, ik ging ervan uit dat we via de tunnel zouden reizen maar dit was ook een leuke manier om Engeland binnen te komen. Het schip schommelde flink door het onstuimige weer; ik wist niet dat zo’n enorme schip zó kon wiebelen. Er was van alles aan boord te zien/doen: een casino, een restaurant, massagestoelen… zelfs een speciale ruimte voor huisdieren. Leuk om te weten dat de hond gewoon mee mag!
Ondanks de korte nacht lukte het me nog twee uurtjes te slapen op de boot. En door het tijdverschil kwam ik zelfs eerder dan verwacht aan in Londen Victoria. Perfect, want zo kon ik, ondanks dat ik hier heen ging voor de marathon toch nog even Londen bekijken. Het was heerlijk rustig, genoeg ruimte om foto’s temmaken zonder massa’s toeristen en in mijn eigen tempo rondstruinen.
Ik bezocht Buckingham Palace & het Victoria Memorial, dat foute gouden beeld bovenop vind ik dus fantastisch! En daarna wandelde ik door St. James’s Park. Terwijl ik een broodje at, kwamen twee brutale eekhoorns zó dichtbij dat ik even twijfelde of het geen stinkdieren waren toen eentje zijn staart trots omhoog gooide. Zwanen, ganzen, fonteinen, bomen: het was bijna sprookjesachtig.
Daarna ging ik door naar Westminster Abbey, de Houses of Parliament en natuurlijk Big Ben. Wat een ongelooflijk prachtige gebouwen.
Een paar dagen later ben ik in de avond nog eens teruggegaan, met die verlichting zag alles er nog magischer uit. Alleen jammer van de enorme hekken en tralies dat haalt wel echt de charme weg al die beveiliging. Ik had dan wel weer geluk want er moest een auto door de poort waardoor ik nog net even een leuk kiekje kon schieten!
Portsmouth
In de middag pakte ik de bus naar Portsmouth Hard, waar ik ging slapen in het Springs Hotel. Maar eerst ging ik naar de Spinnaker Tower, wat een prachtig gebouw is dat!. Achttien pond voor een kaartje vond ik behoorlijk aan de prijs, maar eerlijk is eerlijk: het uitzicht was prachtig. De lift bracht mij snel omhoog en daarna kon je met wat trappen omhoog voor een nog hoger perspectief. Middenin lag een glasplaat waar je overheen kon lopen compleet met scheur en gat. Voor die entreeprijs verwacht je dat niet, maar goed… ik heb er tóch even overheen gelopen. Best leuk!
Via het winkelcentrum wandelde ik naar het Portsmouth City Museum. Onderweg bekeek ik nog wat kunstobjecten. Het museum zelf was een cadeautje: oude reclameposters, speelgoed, kamers uit vroegere tijden, informatie over Portsmouth FC én nog werkende speelautomaten waar je muntjes in kon gooien. En dat allemaal gratis.
Hierna nam ik de boot naar Gosport. Natuurlijk lette ik weer eens niet op, waardoor ik twee tickets kocht omdat ik alleen de bon had meegenomen en niet het daadwerkelijke kaartje. Iemand reisde dus gratis op mijn kosten. Ach ja. Na een korte boottocht kwam ik aan bij het hotel: een heerlijk Engels gebouw met dik bloementapijt, groen behang en massa’s nepbloemen. Ik ging mijn route voor de volgende dag nog even doornemen, zette mijn wekker en viel daarna heerlijk in slaap.
De Dag van de Halve Marathon
Google Maps vertelde me dat het 15 minuten lopen was naar de start. De volgende ochtend bleek het ineens 50 minuten te zijn. OEPS. Ik had die ochtend ook nog eens veel te gezellig gekletst met de superlieve hoteleigenaresse én véél te veel gegeten voor een halve marathon: croissantjes, yoghurt, koffie, sap… De gemiddelde loper doet het op een banaan, maar goed.
Water drinken tijdens de race ging daardoor ook niet echt lekker, dus dat heb ik na twee keer maar opgegeven, ik werd er erg misselijk van.
Omdat ik eigenlijk te laat was, sprong ik in de bus. Pas toen merkte ik dat mijn creditcard nog in mijn tas zat – die ik veilig had opgeborgen zodat ik hem niet achter hoefde te laten in de gymzaal. “Fuck,” zei ik hardop. De buschauffeur begreep meteen wat er aan de hand was, glimlachte en gaf me een ticket. Dankzij hem kwam ik op tijd aan, en kon ik goddank toch de halve marathon lopen.
Startnummer ophalen, wc, warming-up… en voor ik het wist stond ik aan de start, samen met een meisje dat ik net had ontmoet. Zij wilde achteraan beginnen, maar ik voelde dat ik iets verder vooraan moest staan. Een goede keuze: zo kon ik meteen in mijn eigen ritme lopen.
De route liep langs de boulevard van Gosport. Echt prachtig. Overal stonden mensen aan te moedigen. Er lagen bloemen en foto’s ter herdenking aan mensen die overleden waren. Sommigen liepen voor het kankerfonds. En halverwege stond een samba-band die me letterlijk door de laatste kilometers heen sleurde.
Op één moment wilde mijn hoofd stoppen. Ik stopte, iemand riep meteen: “Are you alright?” Ik antwoordde ja en hup, daar ging ik weer. Dat ik vooraan gestart was hielp ook mee, de mensen had een iets hoger tempo waardoor ik veel lekkerder mee liep. Iedereen had het zwaar. Bijna niemand rende alles in één keer uit. Maar ik deed het. Ondanks mijn knieblessure én minimale training finishte ik in 2:05. Voor mijn eerste halve marathon: ik ben enorm trots.
En de medaille was prachtig – extra bijzonder omdat het de 40ste editie was, precies in het jaar dat ik zelf 40 was.
De Terugweg
Na de race wandelde ik door Gosport terug naar huis, waardoor ik meteen wat van het dorp kon zien. Het charmante postkantoor met de rode brievenbus, de kenmerkende Engelse straatjes en de prachtige wandeling langs de kust maakten mijn verblijf helemaal compleet.
Terug in het hotel nam ik een heerlijke douche. De kamer was al half schoongemaakt, maar ik mocht gelukkig nog even gebruikmaken van de badkamer zó lief. Daarna nam ik de boot terug naar Portsmouth, at fish & chips en pakte vervolgens de bus terug naar Londen.
Omdat mijn bus pas om 22.00 uur vertrok, heb ik nog wat rondgedwaald tussen de prachtig verlichte gebouwen van de stad. Uiteindelijk ben ik in Victoria Station gaan zitten schrijven. Achteraf bleek dat het station op dat tijdstip niet de meest veilige plek was, maar op dat moment was ik vooral bezig met mijn notities en het verwerken van de dag.
Helaas ging de bus terug niet met de boot, maar op de trein. We stonden opeengepakt als sardientjes. Ik dacht eerst dat het een grap was dat de bus gewogen werd ofzo maar nee, we zaten gewoon in de trein. Het bibberde en schudde alle kanten op. En in een overvolle bus slapen terwijl je benen van een halve marathon voelen als houten klazen… geen aanrader.
Maar toen ik uiteindelijk thuis aankwam, Dribbel en Droppie me enthousiast verwelkomden en ik mijn verhaal aan mijn vader vertelde, was ik vooral dankbaar. Dit weekend was écht een avontuur. Weer iets van de bucketlist afgevinkt.
En ja… ik heb stiekem al gekeken naar mijn volgende reisje. Casablanca riep maar de marathon is helaas al uitverkocht.
Reactie plaatsen
Reacties