Het zou de laatste tocht van de 11 steden worden in IJlst. Het was de zonnigste dag ooit in februari toen ik bedacht onderweg te gaan met de trein richting Leeuwarden en daarna naar IJlst. Ik deed mijn skeelers aan, sloeg rechts af, pakte een paar klinkers, rolde heerlijk langs het water en bekeek de kaart. Ik moest over een onbewaakte spoorwegovergang, maar die was hier rechts, dus dan maar rechts. Mijn gevoel zei: rechtdoor is goed, maar ja, er stond toch echt spoorwegovergang, dus sloeg ik rechts af en nam een lekker vaartje. Ojee, ojee, een wildrooster met skeelers. Net als bij autorijden heb je te maken met een remweg. Springen kon niet meer, want ik kon geen kracht meer zetten, dus dan maar hopen op een wonder dat ik er overheen kon rollen. Dat ging natuurlijk niet. Mijn voet bleef haken en stond als een T-splitsing tegenover mijn lichaam. Mijn hoofd stuiterde heerlijk op en neer over het asfalt en mijn kop zat onder het bloed.
Met veel frustratie rukte ik mijn skeeler uit het wildrooster, maakte een foto van mijn bebloede hoofd terwijl er ondertussen heerlijke beelden uit Indonesië voorbij kwamen (waarbij een man zijn hoofd uit elkaar gespat was). Met een beetje angst bekeek ik mijzelf, maar gelukkig leek het mee te vallen. Ik dacht nog om door te gaan, maar wilde ook wel verstandig zijn, midden in Friesland met een eventuele hersenschudding en een voet die misschien door de adrenaline nu niet pijnlijk aanvoelde. Dus besloot ik mijn schoenen aan te doen en rustig terug te keren naar het station. Voor de zekerheid belde ik even mijn vader, wachtte op de trein en sprak NS-personeel aan in Leeuwarden die bij de poortjes stonden. Vijf man om mij heen die met onhandigheid en veel liefde probeerden de EHBO-doos te openen, elkaar te helpen tijdens het hoe en wat van mijn verzorging en gesprekken over dat de EHBO weer eens herhaald moest worden. Ik kreeg een flinke dep alcohol die heerlijk prikte, om vervolgens met een grote pleister in de trein te stappen richting huis. Ik kreeg een coldpack die ik niet durfde mee te nemen en dus ging ik eigenwijs zonder op weg naar de trein. Ik vond het wat onzinnig om zo hulp te vragen, maar in de trein kwamen er ook allemaal kinderen en dan toch wel fijn als die allemaal niet zo hoeven te schrikken.
Bij thuiskomst was mijn moeder zo lief mij op te halen en even naar de huisarts te gaan. Geen zorgen zover ik had mijn voet niet laten nakijken, omdat het wel meeviel, tot in de avond ik er niet meer op kon staan... Dan moet je niet gaan googelen, want dan staat er: bel 112, ga naar de huisartsenpost als je er geen vijf stappen op kan maken. Ditzelfde zag ik in de trein: vocht uit oren, ogen, bel direct 112 bij een hoofdwond, maar uuhh nee, gelukkig, ik heb alleen een hoofdwond. Terug naar de dokter. Toen ik er zat voelde ik mij te veel. Ik vond het al bijzonder dat hij naar mijn hoofdwond wilde kijken en dacht: ik voel nu niets. ’s Avonds liep ik op krukken, maar wonder boven wonder, toen ik de volgende dag wakker werd, had ik bijna nergens meer last van, alsof ik een acteur was geweest , wat dus echt niet zo was. Mijn hoofd doet nu wel pijn en de pijn was verplaatst naar mijn nek, dus wel even rustig aan doen.
En wat betreft de skeelertocht moet ik toch maar iets anders verzinnen. Zo heb ik nog een leuk dorpenboekje van de omgeving Groningen, dus ik denk dat dat het nieuwe doel wordt, met een andere zelfgemaakte stempelkaart per dorp, leuk creatief projectje, want de stempelkaart ligt inmiddels in de put en ga ik niet meer ophalen, helaas is mij dat veel te duur. Het zou wel heel gaaf zijn als iemand hem vindt en op kan sturen, want jammer vind ik het wel. Dus mocht jij in IJlst een stempelkaart gevonden hebben met één missend stukje, dan zie ik je mailtje graag verschijnen. Zie foto hieronder :)
Wanneer heb jij voor het laatst besloten te stoppen en bleek dat achteraf juist een krachtig besluit?
Reactie plaatsen
Reacties